ALLES WAT JE MOET WETEN OVER KATTEN
Welkom bij De Kattenblog! Ontdek alles over het fascinerende leven van katten, van grappige weetjes tot handige verzorgingstips. Perfect voor iedere kattenliefhebber!
De kat of huiskat (Felis silvestris catus) is een van de oudste huisdieren van de mens. De gedomesticeerde kat behoort tot de familie van de katachtigen (Felidae) in de orde van de roofdieren (Carnivora). Ook het woord poes is gangbaar, soms meer specifiek in het geval van een vrouwelijke kat. Een mannelijke kat heet een kater, en een jong katje een kitten.
De wetenschappelijke naam van de kat werd in 1758 als Felis catus gepubliceerd door Carl Linnaeus in de tiende druk van Systema naturae. De naam van de wilde kat, waarvan de gedomesticeerde kat afstamt, werd in 1777 door Johann Christian von Schreber gepubliceerd als Felis silvestris. Van veruit de meeste dieren die gedomesticeerd zijn, is de wetenschappelijke naam afgeleid van de naam van de in het wild levende voorouders. In 2003 stelde de International Commission on Zoological Nomenclature in Opinion 2027 vast dat dit principe voor alle gedomesticeerde soorten gevolgd moet worden, en dat de naam van de wilde soort prioriteit heeft over die van de gedomesticeerde vorm, ook als die laatste eerder is gepubliceerd. Als de gedomesticeerde kat wordt beschouwd als een ondersoort van de wilde kat, dan is de correcte naam voor de soort Felis silvestris, en het trinomen voor de ondersoort Felis silvestris catus.
De oudste vondst van een gedomesticeerde kat is in een neolithisch graf in de buurt van Shillourokambos in Cyprus van circa 9500 jaar geleden. De katten die op dit eiland voorkwamen, waren per boot meegenomen vanuit Klein-Azië door immigranten die al katten als huisdier hadden. Op een gevonden kleitablet met een verhuisinventarisatie stond bij de levende have ook een kat vermeld. De kat werd zo'n 9000 jaar geleden gedomesticeerd van de Afrikaanse wilde kat, aangetrokken door synantrope dieren als muizen die op graan afkwamen. Domesticatie vond vanaf zo'n 9000 jaar geleden zowel in het oude Nabije Oosten als in het oude Egypte plaats. Vanuit Klein-Azië werd de kat al heel vroeg meegenomen door reizigers en emigranten naar Europa en dieper Azië in.
De meeste katten hebben een goed gezichtsvermogen en kunnen goed in het donker zien, doordat zij meer staafjes dan kegeltjes in hun ogen hebben. Hierdoor kunnen ze goed waarnemen in de schemer, maar bij volkomen duisternis zien ze niets. Hun vermogen kleuren te onderscheiden is daarentegen zwak, maar katten zijn niet kleurenblind. Volgens een onderzoek uit 2014 kunnen katten, naast een aantal andere zoogdieren, mogelijk ultraviolet licht waarnemen. Op de achterwand van het oog bevindt zich reflecterend weefsel (het tapetum lucidum), waardoor de ogen van een kat fonkelen in het donker. Het gezichtsveld van een kat bedraagt 285°, versus een mens 210°. De pupillen hebben een verticale spleet als vorm. Elk oog wordt beschermd door een derde ooglid, ook wel knipvlies genoemd. Katten kunnen uitstekend horen en zijn in staat frequenties tot 64 kHz waar te nemen. Ter vergelijking: een gemiddeld mens hoort frequenties tot 20 kHz. De oren kunnen 180° draaien. Hierdoor kunnen geluiden goed gelokaliseerd worden. De snorharen hebben een functie bij het instinctief doorbijten van de ruggengraat van de prooi. Katten zien op korte afstand niet scherp en vertrouwen daarom op hun uiterst gevoelige snorharen en de lange haren boven de ogen wanneer zij een prooi hanteren. Katten zonder snorharen kunnen de "coup de grâce" (het doden van de prooi) moeilijk uitvoeren. Katten hebben ook snorharen achter op hun voorpoten. De haren in de vacht zijn afzonderlijk verbonden met een mechanoreceptor. Hierdoor kan informatie over de omgeving naar de hersenen worden gestuurd. De meeste katten vinden het daardoor ook prettig om aangehaald en geaaid te worden. Een kattenneus bevat ongeveer 20 miljoen geurcellen, vier keer zo veel als bij een mens. De neus is vooral afgestemd op stikstof, omdat deze stof zich in rottend voedsel bevindt. Hierdoor is de kat ook goed in staat om voedsel te beoordelen op eetbaarheid. Katten zijn van nature geen aaseters. Het reukvermogen van katten is niet zo goed ontwikkeld als dat van honden. Een kat heeft ongeveer 500 smaakpapillen, terwijl een mens er ruim 9000 heeft. Katten laten zich dan ook voornamelijk leiden door geuren. Katten kunnen zout, zuur en bitter van elkaar onderscheiden, maar hebben geen voorkeur voor zoet.
Katten kunnen snel korte afstanden afleggen en het zijn goede klimmers, maar hebben een beperkt uithoudingsvermogen. Katten houden meestal niet van water, maar kunnen wel goed zwemmen. Ze jagen op hun prooi door ze geruisloos te besluipen. Als de kat dicht genoeg genaderd is, bespringt hij de prooi en vangt hij het dier met zijn scherpe tanden en klauwen. De neiging om langdurig met de gewonde prooi te spelen wordt bij alle katachtigen waargenomen, ook bij de gedomesticeerde kat. Het is een middel om de prooi onschadelijk te maken zonder zelf verwondingen op te lopen als deze zich door bijten verdedigt.
Net als leeuwen en tijgers likken katten zichzelf schoon met hun tong; vaak doen ze dit voor het slapen gaan, of na het wakker worden. De instinctieve verzorging van de vacht met tanden, speeksel met enzymen en vet uit een klier boven de staart vergt ongeveer twee uur per dag. Hierdoor slikt de kat veel losse haren in. Deze verlaten gewoonlijk via het darmkanaal het lichaam. Als de kat echter te veel haren in korte tijd binnenkrijgt, kan er een haarbal ontstaan die wordt uitgebraakt. Langharige katten hebben overigens meer last van haarballen dan kortharige. Als een kat vergeefse pogingen doet om een haarbal uit te braken, kan er sprake zijn van verstopping. Dit kan levensbedreigend zijn.
De gedomesticeerde kat is een sociaal flexibele soort. In een omgeving met verspreide voedselbronnen en lage populatiedichtheid leven katten solitair of in kleine groepjes van nauw verwante vrouwtjes. De grotere, niet-overlappende territoria van katers beslaan twee of meer van de kleinere territoria van de vrouwtjes. In een stedelijke omgeving of bij boerderijen zijn de voedselbronnen meer gecentraliseerd, wat leidt tot het vormen van groepen met een hoge dichtheid bestaande uit meerdere mannetjes en meerdere vrouwtjes met kleinere, overlappende home-ranges en een promiscue paarsysteem. Afhankelijk van de beschikbaarheid van voedselbronnen, zijn katten dus solitaire of sociale dieren. Indien ze de mogelijkheid hebben, zullen vrouwtjes familiegroepen vormen. Hun vrouwelijk nageslacht blijft bij hen en krijgen op hun beurt kittens, zodat een matriarchale groep ontstaat. Het mannelijke dier verlaat de groep wanneer ze geslachtsrijp worden.
Professionele verzorging voor een zijdezachte vacht en tevreden gespin.
Vers bereide maaltijden en snacks waar zelfs de kieskeurigste kat van smult.
Leg de schattigste momenten vast met foto’s en filmpjes van jouw kat.
Originele kaarten voor kattige feestjes, adopties of verjaardagen.
Speeltoestellen, laserlichtjes en klimtorens voor urenlang kattenplezier.
Van knusse kattencafés tot ruime opvangplekken — ontdek jouw ideale kattenspot.
Co-Founder
Co-Founder
★★★★★
★★★★★
Over ons
Wij delen alles wat je moet weten over katten – van verzorgingstips tot leuke weetjes. Heb je een vraag of wil je gewoon hallo zeggen? Neem gerust contact met ons op.
Adres: 123 New Lenox, Chicago, IL 60606
E-mail: partyplanner@example.com.
Copyright © 2025 Party Planner